Blog – Kippensoep of kippensoap 2: Truus de kip (vervolg)

18 november 2016 – vervolg van 21 mei 2016. Een verhaal over kippen.

(we waren bij de plaatselijke diervoederhandel en zochten een middeltje tegen een kippenkwaal)

“Moi, er is een kip bij ons komen aanlopen en ze heeft een kale rug. Ik denk dat het bloedluis is, heeft u daar wat voor?” De winkeleigenaar neemt ons zwijgend op. Die lui had hij nog nooit gezien in het dorp. Westerlingen. Met een aangelopen kip? Ik realiseer me onmiddellijk dat onze entree een bevestiging is van het oordeel wat er bij de lokale bevolking aanwezig zal zijn over westerlingen. Terwijl hij me aanstaart grijpt hij onder de balie, likt aan zijn vinger en opent een beduimelde catalogus van een agrarische groothandel. Zijn ogen zakken langzaam naar de bladzijden van de catalogus. Nauwkeurig bestudeert hij iedere pagina. De stilte wordt drukkend en ik stel me voor dat het hem op zeker moment te veel gaat worden en ons met een korte ‘VORT!” de winkel uitjaagd. “ ‘ns kiek’n, luus bie peerde, da’s niks. Luus op plaante, da’s ok niks. Hier! Bloedluus bie kip’n”. Hij leest uitvoerig de tekst op de pagina en leest ons een stuk voor. Het betreft een middel wat alles, dus ook bloedluis zorgvuldig uitroeit. Al wat er zich aan ongedierte in stal of schuur kan bevinden. “ As je da op de kip smeert ja gaan de luuzn dood, en de kip ook, da zouk maar nie doen ja”. Uit zijn aanhoudend zwijgen begrepen we dat dit alle opties betrof. Meer zou er niet komen. We kochten een zakje kippenvoer en dropen af richting huis.

Na een telefoontje met de dierenarts in het naburige dorp bleek er wel degelijk een middeltje te bestaan wat ik meteen ging halen.
Levenslange ervaring met het toedienen van middeltjes aan onwillige katten moest wel voldoende training hebben opgeleverd om bij een kip hetzelfde te doen dacht ik. En het viel inderdaad mee. Truus liet zich snel paaien met wat lekker hapjes en een handje graan. Ik had haar zo te pakken en kon haar met hulp van P. onder zwak protest besproeien met het wondermiddel. Na enig gemopper en uitvoerig schudden van haar overgebleven veren ging Truus over tot de orde van de dag. Truus was een makkie op dat gebied, maar dat begreep ik pas generaties kippen later.

Na enkele dagen begonnen haar veren ‘weer uit te lopen’ . Er vormden zich zachte toefjes roodbruine veren aan de veerschachten op haar rug. Ze zag er meteen een stuk poezeliger uit. Gezellig klokkend in de tuin, steeds in nabijheid groeide de vertrouwelijkheid. Er moest voortgemaakt worden met het veilige kippenhokje. We zagen ons in de nabije toekomst al een Truus eitje eten bij het ontbijt. P. zaagde hamerde en timmerde die avond het hokje in elkaar, terwijl Truus in het houthok resideerde. Als noodoplossing prima. De volgende dag liep ik gewoontegetrouw naar het houtschuurtje, waar ze elke ochtend tevreden klokkend in het zonnetje op me wachtte. Deze ochtend was het oorverdovend stil. Geen gescharrel, gemompel of kippengezang. Niets.
Terug in de keuken meldde ik de afwezigheid van Truus bij P. Hij ging onmiddellijk kijken en kwam even later somber terug. “Twee vleugels heb ik gevonden in het houtschuurtje, Truus is een ex-kip geworden” zei hij.

Dat zo’n grote tuin zo leeg kan zijn.

About jessica

Ik wil graag duurzaam maar ook comfortabel leven. Zonder ergernissen over dingen die slecht ontworpen zijn of veel te gauw stuk gaan. Of ten koste gaan van mens, dier of milieu. Verbeter de wereld, begin bij jezelf. Daarom ben ik met Handig Goed begonnen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *